2011-tong-01

De tong aan het ijs, foto

2011-tong-02

De tong aan het ijs, foto

2011-tong-03

De tong aan het ijs, foto

2011-tong-04

De tong aan het ijs, foto

Zelfonthullende tijd

Tong aan het ijs, 2011

Wonderlijk dat een titel, vele jaren terug gegeven aan een project ‘De tong aan het ijs’/1990, Nova Zembla ’s-Hertogenbosch, letterlijk op een totaal andere plek van zoveel betekenis kan zijn in het waarnemen van nu. Dat herinnering dingen zichtbaar maakt. Dat het je in die omgeving verbindt met het moment. Of is het andersom, dat beelden die zich op ons netvlies hechten herinneringen losweken uit het geheugen, uit ons verleden. Hoe wordt er verbonden. Hoe relaties gelegd.
Op dat moment hapte en beet het toen en het nu naar elkaar. Is dat het moment waar waarneming en herinnering samenvallen in de waarnemer, ziende herinneren. Dat overkwam mij tijdens een winterwandeling op de Kampina, een prachtig natuurgebied in Brabant. Hier werd een oude titel plotseling object. Een tastbaar idee.

---

Juni 1990, Nova Zembla, een kunstenaars platvorm met 30 ateliers in ’s-Hertogenbosch waar we toen een tentoonstelling realiseerden met de titel: ‘Die Zunge am Eis’. Het betrof een uitwisseling tussen kunstenaars die zich verdiept hadden in hoe men taal en beeld kon laten samenvallen of totaal kon laten crashen, in elkaar doen opgaan. Taal diende hier als fysiek materiaal, als aanvullend en complementair uitdrukkingsmiddel, als medium van zelfreflectie, als symbolisch materiaal en semantisch reservoir voor eigen werk, als object van esthetisch en ‘ideologie-kritisch’ onderzoek of als medium van sociale communicatie. Allerlei vormen van kunst en taal in wat voor discipline dan ook passeerden hier de revue.
En nu liep ik hier in 2011 samen met mijn vriendin in een wit landschap waar de sneeuw als eetbaar op de takken van de bomen was achtergebleven. Opeens snelde ik op een van deze witte sneeuwklonters af en legde er mijn tong voorzichtig tegenaan. Het gesmolten koele water liep rechtstreeks mijn keel binnen. Wat toen gebeurde was wonderlijk. Hier gebeurde het in werkelijkheid. Het serene wit, de sneeuw, het beeld op de tak smolt en prikkelde mijn stembanden, zette ze aan tot symfonisch gereutel. Complexiteit werd eenvoud.
In het zelfde moment stond ik in die tentoonstelling, inmiddels 21 jaar geleden gerealiseerd. Mooie namen zoals; Henning Christiansen, Daniele Buetti, Bert Papenfuß-Gorek, Raoul Teurlings, Sven Åke Johansson, kwamen in mij op. Ik was dáár, ver terug geworpen in de tijd, en stond gelijktijdig in het bos waar het water me in de mond liep. Wat ik nu letterlijk met mijn tong aan het ijs kon voelen, begon langzaam met veel genoegen in te dalen. Ik wist en voelde het nu echt, die klank van zuiverheid, van sereniteit. Dit moment, deze ultieme ervaring waar twee één wordt, taal en beeld, moest en zou ik vastleggen. Kon het zo simpel zijn, zoveel jaren later daar in de natuur samen met nog een wezen wat een zelfde tong heeft. Zou ik deze mogen en kunnen inzetten voor mijn ervaring? Al waren het maar enkele foto’s, ik zou dol gelukkig zijn.
Haar tong bevroor zowat. Ze kreeg er kramp in van de ijskou; de taal verstomde en het water vulde haar mond en dat allemaal voor mijn herinnering, hier en nu, 21 jaar later…

Haghorst 2011 winter